Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

Vervoeging van schreiben

  • Betekenis schrijven
  • Niveau A1
  • Patroon onregelmatig
  • Hulpwerkwoord haben

Wat bijzonder is aan dit werkwoord

Vet en onderstreept: de uitgang. ◆ markeert een vorm die van de regel afwijkt.

Aantonende wijs

PlusquamperfektPlusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ichhatte geschrieben
duhattest geschrieben
er/​sie/​eshatte geschrieben
wirhatten geschrieben
ihrhattet geschrieben
sie/​Siehatten geschrieben

Meer hierover: Het Plusquamperfekt: wat daarvoor al gebeurd was

Futur IIvoltooid toekomende tijd

ichwerde geschrieben haben
duwirst geschrieben haben
er/​sie/​eswird geschrieben haben
wirwerden geschrieben haben
ihrwerdet geschrieben haben
sie/​Siewerden geschrieben haben

Vormen van de Konjunktiv

Konjunktiv IKonjunktiv I, indirecte rede

ichschreibe
duschreibest
er/​sie/​esschreibe
wirschreiben
ihrschreibet
sie/​Sieschreiben

Konjunktiv IIKonjunktiv II, het onwerkelijke

ichschriebe
duschriebest
er/​sie/​esschriebe
wirschrieben
ihrschriebet
sie/​Sieschrieben

Meer hierover: Konjunktiv II: de Duitse “zou”-vorm

Konjunktiv II mit würdeKonjunktiv II, het onwerkelijke

ichwürde schreiben
duwürdest schreiben
er/​sie/​eswürde schreiben
wirwürden schreiben
ihrwürdet schreiben
sie/​Siewürden schreiben

Meer hierover: Konjunktiv II met hulpwerkwoord of met eigen vorm

Gebiedende wijs

Imperativgebiedende wijs, bevestigend

duschreib
ihrschreibt
Sieschreiben Sie

Meer hierover: De gebiedende wijs

Onvervoegde vormen

Voorbeeldzinnen uit de cursus

Elke zin komt uit de woordenlijsten of grammaticathema’s van deze cursus. De werkwoordsvorm is gemarkeerd; eronder staat welke tijd en persoon het is.

  • Schreib dir die Adresse auf.Schrijf het adres even op.

    Schreib – Imperativ · du

  • Sie hat eine Eins geschrieben.Ze heeft een tien gehaald.

    geschrieben – Partizip II

  • Ich schreibe ihm eine Nachricht.Ik stuur hem een berichtje.

    schreibe – Präsens · ich; Konjunktiv I · ich

  • Schreibst du mir eine Postkarte?Stuur je me een kaartje?

    Schreibst – Präsens · du

  • Hin und wieder schreibt sie noch.Zo nu en dan schrijft ze nog.

    schreibt – Präsens · er/sie/es; Präsens · ihr

  • Die Schüler schreiben morgen eine Arbeit.De leerlingen hebben morgen een proefwerk.

    schreiben – Präsens · wir; Präsens · sie/Sie

Meer voorbeeldzinnen

  • Schreibst du mir, wenn du angekommen bist?Stuur je me een berichtje als je er bent?

  • Wie schreibt man deinen Nachnamen?Hoe schrijf je je achternaam?

  • Sie hat ihre Abschlussarbeit über Ebbe und Flut geschrieben.Ze heeft haar scriptie over eb en vloed geschreven.

Typische fouten van Nederlandstaligen

  • Fout Ich schreibe an meinem Bruder einen Brief.

    Goed Ich schreibe meinem Bruder einen Brief.

    “Ik schrijf aan mijn broer” wordt in het Duits zonder voorzetsel met de Dativ gezegd: meinem Bruder. Met an volgt de Akkusativ (an meinen Bruder). an + Dativ betekent “werken aan”: an einem Roman schreiben.

Vaste combinaties

  • eine Nachricht schreiben — een bericht sturen
  • großschreiben — met een hoofdletter schrijven
  • krankgeschrieben sein — met een doktersverklaring ziek thuis zijn

Werkwoorden die je makkelijk verwart

  • unterschreiben Je naam onder iets zetten is unterschreiben, “ondertekenen”.

Kort oefenen

Open plekken: 5 – eerst uit de voorbeeldzinnen hierboven, dan uit de tabel. Elk antwoord telt mee voor je herhalingen.

Verder leren

Werkwoorden met hetzelfde patroon

Bijpassende grammaticathema’s

De vormen zijn berekend volgens de regels van de taal – twee keer, langs twee onafhankelijke wegen – en vergeleken met alle met de hand geschreven vormen in deze cursus. De voorbeeldzinnen zijn eigen zinnen van de cursus.