Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

Vervoeging van bleiben

  • Betekenis blijven
  • Niveau A1
  • Patroon onregelmatig
  • Hulpwerkwoord sein

Wat bijzonder is aan dit werkwoord

Vet en onderstreept: de uitgang. ◆ markeert een vorm die van de regel afwijkt.

Aantonende wijs

PlusquamperfektPlusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ichwar geblieben
duwarst geblieben
er/​sie/​eswar geblieben
wirwaren geblieben
ihrwart geblieben
sie/​Siewaren geblieben

Meer hierover: Het Plusquamperfekt: wat daarvoor al gebeurd was

Futur IIvoltooid toekomende tijd

ichwerde geblieben sein
duwirst geblieben sein
er/​sie/​eswird geblieben sein
wirwerden geblieben sein
ihrwerdet geblieben sein
sie/​Siewerden geblieben sein

Vormen van de Konjunktiv

Konjunktiv IKonjunktiv I, indirecte rede

ichbleibe
dubleibest
er/​sie/​esbleibe
wirbleiben
ihrbleibet
sie/​Siebleiben

Gebiedende wijs

Imperativgebiedende wijs, bevestigend

dubleib
ihrbleibt
Siebleiben Sie

Meer hierover: De gebiedende wijs

Onvervoegde vormen

Voorbeeldzinnen uit de cursus

Elke zin komt uit de woordenlijsten of grammaticathema’s van deze cursus. De werkwoordsvorm is gemarkeerd; eronder staat welke tijd en persoon het is.

  • Bleib bitte ruhig.Blijf alsjeblieft rustig.

    Bleib – Imperativ · du

  • Bitte bleiben Sie ruhig.Blijft u alstublieft rustig.

    bleiben – Präsens · wir; Präsens · sie/Sie

  • Der Preis bleibt unverändert.De prijs blijft onveranderd.

    bleibt – Präsens · er/sie/es; Präsens · ihr

  • Bei dem Regen bleibe ich zu Hause.Met deze regen blijf ik thuis.

    bleibe – Präsens · ich; Konjunktiv I · ich

  • Ich bin zu Hause geblieben.Ik ben thuisgebleven.

    geblieben – Partizip II · Het juiste hulpwerkwoord in het Perfekt kiezen

  • Wir blieben deshalb zu Hause.We bleven daarom thuis.

    blieben – Präteritum · wir; Präteritum · sie/Sie · Verbindingswoorden: deshalb, trotzdem

Meer voorbeeldzinnen

  • Bleibst du noch zum Abendessen?Blijf je nog eten vanavond?

  • Wegen des Sturms sind wir zu Hause geblieben.Vanwege de storm zijn we thuisgebleven.

  • Bitte bleiben Sie am Apparat.Blijft u alstublieft aan de lijn.

Typische fouten van Nederlandstaligen

  • Fout Das Kind blieb immer wieder fragen.

    Goed Das Kind fragte immer wieder.

    “Hij bleef maar vragen” gebruikt “blijven” voor iets dat steeds doorgaat. Het Duitse bleiben + infinitief kan alleen met sitzen, liegen, stehen en enkele andere; je zegt het met immer wieder of weiter: Es fragte weiter.

Vaste combinaties

  • ruhig bleiben — rustig blijven
  • sitzen bleiben — blijven zitten
  • in Kontakt bleiben — contact houden
  • übrig bleiben — overblijven

Werkwoorden die je makkelijk verwart

  • sein In het Perfekt neemt bleiben net als “blijven” sein: Ich bin geblieben.
  • halten “Volhouden” is durchhalten en “iets houden” behalten; bleiben zegt alleen dat iemand of iets blijft.

Kort oefenen

Open plekken: 5 – eerst uit de voorbeeldzinnen hierboven, dan uit de tabel. Elk antwoord telt mee voor je herhalingen.

Verder leren

Werkwoorden met hetzelfde patroon

Bijpassende grammaticathema’s

De vormen zijn berekend volgens de regels van de taal – twee keer, langs twee onafhankelijke wegen – en vergeleken met alle met de hand geschreven vormen in deze cursus. De voorbeeldzinnen zijn eigen zinnen van de cursus.